Bram: Poeh! Pas op!
Mieke: Bram, wat doe je? Je fietst bijna tegen die auto.
Bram: Sorry! Ik wist niet wat ik moest doen. Fietsen is soms moeilijk.
Mieke: Haha, er zijn regels, Bram. We kunnen de belangrijkste regels even oefenen.
Mieke: Kijk, we fietsen nu op een fietspad. Dat is speciaal voor de fiets.
Bram: Oké. Dus ik moet altijd op het fietspad fietsen?
Mieke: Ja, meestal wel. Dat is veiliger. Je fietst niet op de weg voor auto's.
Bram: En ook niet op de stoep?
Mieke: Nee, de stoep is voor mensen die lopen.
Mieke: Let op. Ik ga zo naar links. Kijk goed wat ik doe.
Bram: Je steekt je linkerarm uit.
Mieke: Ja. Ik steek mijn hand uit. Dat is een teken. Ik ga afslaan.
Bram: Oh ja. Hand uitsteken. Dat vergeet ik soms.
Mieke: Dat is heel belangrijk voor de veiligheid. Anders weten auto's niet wat je doet.
Bram: Oké, ik onthoud het. En wat nog meer?
Mieke: Het is nu overdag. Het is licht. Maar 's avonds is het donker.
Bram: Ja, dan zie je niet veel.
Mieke: Dan moet je licht op je fiets hebben. Een wit licht voor. Een rood licht achter.
Bram: En als ik geen licht heb?
Mieke: Dan kun je een boete krijgen. Dat is geld betalen aan de politie.
Bram: Oei. Een boete. Dat wil ik niet.
Mieke: Nee, haha. En je hebt ook een bel op je fiets.
Bram: Ja, deze! *tring tring*
Mieke: Die gebruik je als je wilt waarschuwen. Bijvoorbeeld: 'Pas op, ik kom eraan'.
Bram: Oké, de bel is voor de veiligheid.
Mieke: Precies. En nog iets: voorrang. Soms moet jij wachten. Soms krijgen fietsers voorrang.
Bram: Dat is soms wel verwarrend. Wie heeft voorrang?
Mieke: Kijk naar de verkeersborden. Of naar de haaientanden op de weg. Die helpen je.
Bram: Oké, dus even checken. Dit rode pad is het fietspad?
Mieke: Ja, precies. Het fietspad. En voor je fiets zijn de bel en het licht heel belangrijk.
Bram: Fietspad, bel, licht. En hand uitsteken. Dat is geen woord, maar wel belangrijk.
Mieke: Voor je KNM-examen moet je dit weten. Je ziet vaak een foto van een verkeersbord.
Bram: Zo'n blauw, rond bord met een witte fiets?
Mieke: Ja, dat bord. De vraag is dan: wat betekent dit? Het antwoord is: dit is een verplicht fietspad.
Bram: Dus, voor de veiligheid en het examen moet ik onthouden: fiets op het fietspad. Gebruik je licht in het donker.
Mieke: En steek je hand uit als je wilt afslaan. Helemaal goed.
Bram: Dan krijg ik geen boete. En slaag ik voor het examen!
Mieke: Precies. Laten we nu even stoppen voor een kopje koffie.
Bram: Goed idee! Tot de volgende keer.