KNM Exam #015: Een afspraak maken in de agenda
S2 #15

KNM Exam #015: Een afspraak maken in de agenda

Bram: Hé Mieke! Wat leuk je te zien hier in de stad.

Mieke: Hoi Bram! Ja, wat een verrassing. Alles goed?

Bram: Ja, prima! Zeg, heb je vanavond misschien tijd? Voor een kopje koffie? Heel spontaan.

Mieke: Oh, wat een leuk idee! Maar ik moet heel even kijken...

Mieke: Ik pak mijn agenda erbij. Die heb ik altijd in mijn tas.

Bram: Haha, je agenda! Natuurlijk. Voor een afspraak voor vanavond. Dat is zo typisch Nederlands.

Mieke: Ja, dat klopt. In Nederland plannen we bijna alles. Dat is heel normaal hier.

Bram: Ik weet het, ik weet het. Maar ik probeer het soms toch. Iets spontaan doen.

Mieke: Dat is ook leuk! Maar de meeste mensen hebben een drukke agenda. Met werk, sport en familie.

Bram: Ja, dat is waar. Ik heb zelf ook een volle week.

Mieke: Precies. Daarom is een afspraak maken handig. We kiezen samen een datum en een tijd.

Bram: Oké, laat maar zien die agenda. Heeft de minister nog tijd voor mij?

Mieke: Haha, even kijken... Vandaag is maandag. Nee, vanavond heb ik al een afspraak. Ik ga eten met een vriendin.

Bram: Jammer. En morgen? Dat is dinsdag.

Mieke: Dinsdagavond kan ik wel. Ja. Schikt dat voor jou? Rond acht uur?

Bram: Ja, dinsdagavond om acht uur is perfect. Dat is een goede tijd.

Mieke: Super. Dan schrijf ik het in mijn agenda. Dinsdag, acht uur, koffie met Bram.

Bram: Moeten we het nu nog officieel bevestigen via een appje?

Mieke: Haha, ja, dat is wel zo duidelijk. Ik stuur je straks een bericht. Dan is de afspraak bevestigd.

Bram: Oké, dus de belangrijkste woorden voor het examen zijn 'de agenda' en 'de afspraak'.

Mieke: Ja, en ook de werkwoorden 'plannen' en 'maken'. We maken een afspraak. We plannen een afspraak.

Bram: En we kiezen 'de datum' en 'de tijd'.

Mieke: Precies. En je vraagt: "schikt dat?". Dat betekent: "komt die tijd jou goed uit?".

Mieke: Een tip voor je KNM-examen. Je ziet soms een video. Twee mensen praten. Ze kijken in hun agenda's.

Mieke: De vraag is dan vaak: welke afspraak maken ze?

Bram: Ah, dus ik moet goed luisteren. Ik let op de dag en de tijd.

Mieke: Ja. Schrijf de datum en de tijd op als je kijkt. Dan vergeet je het niet.

Bram: Dus, even op een rijtje. Als ik in Nederland een afspraak wil maken, ook met vrienden...

Mieke: Dan pak je je agenda. Je stelt een datum en een tijd voor.

Bram: En de ander zegt of het schikt. En daarna bevestigen we de afspraak.

Mieke: Helemaal goed. Dat moet je onthouden voor je examen.

Mieke: Nou, tot dinsdag dan! Ik kijk ernaar uit.

Bram: Ik ook! Tot dinsdag! Doei!